Home arrow Fragmenten arrow Fragment - De wil van Wodan
Monday, 18 November 2019
 
Main Menu
Home
De Auteur
Boeken
Fragmenten
Lezingen
Contact
Fragment - De wil van Wodan PDF Print E-mail

…De paarden briesten. Het zweet dampte uit hun schoften. Kunjar klopte de knol op de hals.

‘Graas maar wat in het frisse gras, ouwe jongen.’

Maar het paard snoof en schudde met zijn manen. Het had geen trek in het groen. Het had mijlen aan één stuk moeten draven.

Bataafse ruiter worden, het was wel wat. Terwijl de gewone soldaat met zijn bagage, in kuras of maliënkolder over wegen en velden sjokte, golfde de ruiter vanuit zijn hoge positie over het landschap. Hij zag de vijand van ver, kon onverwacht toeslaan en was weer bliksemsnel verdwenen. Kunjar begreep dat een paard voor een ruiter het einde was. Over een paar jaar zou hij als kersverse Bataafse ruiter een paard krijgen, een jong en krachtig dier, dat hij alleen mocht bedwingen. Hij zou zijn viervoetige makker koesteren en verwennen zodat hij bij tochten en gevechten het beste van hem vragen kon.

‘Kijk, vrouwvolk,’ zei een makker.

Het was een vrolijk tafereel: lachende meisjes, die kamillebloempjes plukten. Thuis zouden de bloempjes verkneed worden tot een stof die de kleren een mooi witte kleur schonk. Kunjars ogen waren niet af te wenden van één figuurtje: Frinda. Het meisje bond een kroontje van bloempjes in het haar. Het stond haar beeldig. En toen kreeg Kunjar een gekke ingeving. Hij plukte twee irissen uit de grachtkant en ging naar haar toe. Verwonderd bekeek het meisje hem.

‘Wat ga je doen?’ vroeg ze, toen hij de bloemen voor haar hield.

‘Je nog mooier maken,’ lachte hij.

Maar toen hij aanstalten maakte om de paars-blauwe irissen tussen het witte kamillekroontje te klemmen, weerde ze hem lachend af en zette het op een lopen. Nu stond hij daar voor schut met zijn twee irissen. De meisjes lachten. Een makker spotte:

‘Kunjar wil huwen op z’n vijftiende en daarna pas krijger worden, een krijger, die thuis het zwaard zal hanteren om kippen te slachten.’

De jongens schaterden. Kunjar besefte dat hij zich bloot had gegeven. Beschaamd en kwaad keerde hij naar zijn paard terug.

Terwijl hij wat aan het leidsel morrelde, gluurde hij van onder zijn wenkbrauwen naar de anderen. Die dachten al niet meer aan zijn hofmakerij. Misschien vonden enkele jongens het zelfs inspirerend, want ze begonnen te helpen bij  het plukken. Maar al vlug liep het uit op een stoeipartij, waarbij jongens en meisjes elkaar met grasaren bekogelden.

Plotseling weerklonk een hoge gil. Het kwam van ergens achter de struiken.

‘Frinda!’

Kunjar rende erheen. Romeinen! Wat voerden die hier in het schild? De soldaten vormden een kring. Kunjar klom een heuveltje op om beter te kunnen zien. Toen trok het bloed weg uit zijn gezicht. In het midden van de kring van glimmend metaal stond het bange Bataafse meisje. Een kerel stapte naar voren en nam zijn helm af. Een schok voer door Kunjar heen. Hij herkende de bullebak… 

 
Next >
© 2019 hedwigvandevelde.be
Joomla! is Free Software released under the GNU/GPL License.